Steun ons en help Nederland vooruit

Preventie en hulp kindermishandeling

D66  ziet ook nog heel veel mogelijkheden om kindermishandeling te voorkomen en zo het aantal meldingen bij Veilig Thuis te laten dalen. Kindermishandeling kan volgens de kinderombudsman in drie jaar met 50% naar beneden gebracht worden. Als je bedenkt dat er in iedere schoolklas een kind zit dat mishandeld wordt en dat er in Zwolle 1000 kinderen zijn waarvan we weten dat het gebeurt dan willen we dat ook snel doen. Investeren in preventie levert heel erg veel op voor iedereen en bezuinigen, zoals aangekondigd wordt, moet zeer zorgvuldig afgewogen worden.

Ons doel is 50% minder kindermishandeling, minder meldingen bij Veilig Thuis, minder vaak ingrijpen. Daar moeten we dus wat voor doen. Niet alleen moeten beleidsdoelen duidelijk zijn, effecten daarvan ook, en het allerbelangrijkste, er moet inzicht zijn in de doelgroep en hoe deze te bereiken. Ook moet iedereen die veel met kinderen te maken heeft, zoals onderwijzers, trainers op de sportclub en buurtgenoten, weten wat te doen bij “niet pluis” gevoelens en niet “handelingsverlegen” zijn. Hier ligt volgens ons de grootste uitdaging.

Die uitdaging begint bij het bereiken van de doelgroep: gezinnen die risico lopen. Veilig Thuis is een meldpunt voor geweld en mishandeling. Als daar gemeld wordt, is er zeer waarschijnlijk al wat aan de hand. Maar er zijn ook veel situaties waar geen mishandeling of geweld is, maar waar wel zorgen over zijn. Waar geweld makkelijker ontstaat door armoede, verslaving, hoge werkdruk of samengestelde gezinnen. Deze moeten vanuit preventief oogpunt in beeld zijn. En wat D66 betreft is het wijkteam het meldpunt voor zorgkinderen. Een plek waar huisartsen, scholen en andere betrokkenen hun zorg kunnen toetsen en bekend maken. Hier moet altijd zorgvuldig mee omgegaan worden ook vanuit het oogpunt van privacy, maar dat mag geen excuus zijn om zorgen niet te delen.

En naast in de nota genoemde partners zoals huisarts, ziekenhuis, politie, scholen en sociaal wijkteam spelen ook woningbouwcorporaties een belangrijke signalerende rol. Zij moeten aangehaakt zijn en voldoende kennis en vaardigheden hebben om te signaleren en te handelen. In Haarlem hebben corporaties een protocol kindermishandeling voor de eigen organisatie opgesteld en geïmplementeerd. Wat ons betreft stimuleert de gemeente dit.

Ook de politie ziet en hoort veel.  Zo heeft de Politie Kennemerland een functionaris kindermishandeling en huiselijk geweld ingesteld. Deze functionaris screent de dagrapporten van de politie op gevallen van kindermishandeling en huiselijk geweld en checkt of deze zijn gemeld bij het SHG en/of AMK. Hierdoor is het aantal meldingen bijna verdubbeld en worden er dus veel meer mensen geholpen.

De tweede uitdaging is dat iedereen over voldoende kennis en vaardigheden beschikt om te signaleren en te handelen. Preventie en hulp vergen continue aandacht en onderhoud. En scholing moet op maat gegeven worden, een huisarts of leerkracht ziet immers andere dingen dan iemand die bij de wijkboerderij als vrijwilliger werkt en heeft ook andere verantwoordelijkheden.

Er is nog meer wat de gemeente zou kunnen doen. Bijvoorbeeld huisbezoeken bij risicogezinnen (maar 1 tot 2 uur per maand is afdoende) zorgen er voor dat het geweld met de helft kan afnemen. Dat zijn effecten waar we niet om heen kunnen en waar het sociaal wijkteam bijvoorbeeld wat D66 betreft dus ook tijd aan besteedt. Het aantal meldingen bij Veilig Thuis zal er zeker door afnemen.

Maar liefst 1 op de 20 ouders schudt hun baby, voorlichting kan 50% voorkomen. Wij zien graag dat de gemeente afspraken maakt over wie aankomende ouders vertelt wat zij moeten doen als zij gek worden van het gehuil. Kraamhulp, verloskundige of gyneacoloog kan dit relatief eenvoudig doen.

 

Laatst gewijzigd op 22 november 2018